to boldly go...

Turkana Road to Ethiopia

 

 
11 mei 2011
Op een koude en regenachtige morgen vertrekken we uit Nairobi, het lijkt wel Belgisch weer behalve dat we gisteren via skype vernomen hebben dat er ginder ondertussen zowat een hitte golf heerst. Enkele uren later komen we aan op de camping bij Lake Baringo en kunnen we onze bikini al terug uithalen, het verschil in temperatuur is niet te geloven.
Het meer is gekend voor de krokodillen en de nijlpaarden maar die zien we de hele namiddag niet maar ’s nachts komen de nijlpaarden uit het water en komen ze grazen rond de jeep. Jo schijnt met de zaklamp op ze af en toe kijkt het nijlpaard  onze richting uit, vlug doen we de zaklamp uit we willen hem niet boos maken. Het is een heel groot beest, meestal zien we enkel de snoet uit het water komen maar nu ze zo naast de auto staan zouden we er niet graag een duw van krijgen.
 
12 mei 2011
Rika en Enriko hebben laten weten dat ze nog wat tijd nodig hebben in Nairobi dus we blijven nog een dagje langer, we vullen onze dag met het lezen van een boek en kijken naar de vogels. We wandelen langs de lodge naast ons en de man komt zeggen dat het Happy Hour is hmm klinkt niet slecht. Het is niet zoals bij ons één kopen en één gratis maar we krijgen een korting op de prijs. In de tuin staat Keniaanse muziek te spelen Jambo, Jambo,.. en andere liedjes met een paar waardjes Swahili die we kennen. We vragen of het een CD is en of we hem mogen kopiëren. Geen probleem als het liedje gedaan is krijgen we de CD maar even later komt de man naar ons toe met een cassette, dat is een beetje moeilijk voor ons om te kopiëren.
Er komt ook een Duits koppel op het terrasje in de tuin zitten, ze wonen al heel lang in Afrika en nu in Nairobi. Ze werken voor de Duitse overheid en doen Community development. Jo vraagt wat dat juist inhoud maar ze geeft er niet echt een antwoord op, wellicht kan ze er geen antwoord op geven. Ze maken mij een beetje bang; ze zijn vorige week overvallen in een nationaal park door gewapende mannen gekleed als militairen.Het noorden van Kenia heeft niet echt een goede reputatie op dat vlak maar geen van de reizigers die wij gesproken hebben hebben problemen ondervonden. Bovendien is het park meer dan 500 km de andere richting uit.
Na het eten als het donker is gaan we kijken of de krokodillen er nu zijn?’ We lopen met de zaklamp naar het water en enkele meters verder zien we een oranje oog blinken, Ja toch krokodillen! Een exemplaar van enkele meters lang en ik ga snel enkele meters achteruit,  niet meer zo stoer als daarnet. Het kampvuur is nog aan het gloeien als we gaan slapen en niet veel later komen de nijlpaarden terug uit het water om te grazen.
 
13 mei
We rijden langs het noorden van Lake Baringo naar Maralal, de piste is mooi en beter dan verwacht. Na de middag komen we al aan op de Yare Camel camping waar we afgesproken hebben.
Een tocht op de kamelen is niets voor ons, we gaan nog boodschappen doen in het dorpje en dat is echt een bonte mengelmoes van allemaal verschillende stammen. We herkennen de Maasai met de rode geruite doeken, mannen met bloot bovenlijf versiert met kralen, vrouwen in alle kleuren,.. maar wij zijn wellicht degene die het meeste opvallen. Iedereen is er vriendelijk en we kunnen verse groentjes kopen aan de verschillende stalletjes, onze voorraad voor de komende week. We trachten ook nog de muziek van gisteren te vinden maar dat lukt niet, een jongen in een electro winkeltje zet wat andere Keniaanse muziek op onze memorystick.
 
Juist op tijd voor het avond eten komen Rika en Enriko aangereden, dat moeten we vieren, onze eerste kampeer avond terug samen. Ze hebben voor ons ook nog een cadeautje mee; en ze hebben goed gekozen. Een fles rode wijn voor Jo, Chocolade voor mij, een panenkoekenpan en kaarsen voor donkere kampeer avonden.
 
 
Vertrek richting noorden.
We hebben deze ‘ moeilijke’ route gekozen omdat ze mooier en interessanter zou zijn dan de standaard ‘Moyale route’ die de meeste reizigers nemen.
Vanaf ons vertrek in Maralal hebben we er zeker geen spijt van gehad; het landschap en de uitzichten zijn echt prachtig! Eerst rijden we door de bossen, zijn we in Zwitserland?
Dan verandert het landschap en wanen we ons in het zuiden van Spanje.
We kronkelen door de bergen, hobbelen over de stenen  en rijden uiteindelijk het plateau naar beneden we worden beloond met een schitterend uitzicht op de vallei.
Af en toe staan er kinderen langs de baan, soms vlak bij een dorpje, soms ook in het midden van niets dat we ons afvragen waar ze vandaan komen. Velen roepen ‘give me sweetie’ give me, give me,.. op een strenge toon en als we voorbijrijden en gewoon zwaaien zonder ze iets te geven veranderd de uitdrukking op hun gezicht boos, bijna agressief.Sommige kinderen vragen niets en zwaaien terug met de mooiste lag op hun gezicht, dat maakt alles dan weer goed.
 
 
De stenen en rotsen van vandaag maken stilletjes aan plaats voor zand, we rijden nog  enkele droge rivier beddingen door voor we in het dorpje  South Horr aankomen.
De piste vandaag heeft ons langer genomen dan we gedacht hadden, we hebben op 8 uur tijd 150 km afgelegd en zullen voor donker niet meer in Loyangalani geraken dus overnachten we hier op het sportterrein. De mensen zijn er vriendelijk en douche en toilet zijn proper, wat willen we nog meer?
In het dorpje zien we voor het eerst hutjes die wel origineel gemaakt zijn; opgevuld met stenen in plaats van met klei.
 
 
14 mei
We willen vandaag naar Loyangalani rijden, slechts 100 km verder en de piste zou beter zijn dan waar we gisteren gereden hebben. We nemen uitgebreid de tijd om te ontbijten. Aan de andere kant van de omheining zitten enkele dames en kinderen die ons souvenirtjes trachten te verkopen maar Laila kan ze op een afstand houden. De meeste afrikanen hebben schrik van honden, we beginnen in te zien dat ze nog van pas kan komen zeker in Ethiopië.
 
De eerste 50 km rijden we op een zandpiste, het zand stuift achter onze jeep en de temperaturen lopen op tot 48 graden, hot hot, we kunnen het maar al beter gewoon worden in Soedan zal het nog warmeR zijn.
 
Het landschap maakt het allemaal de moeite waard, hier en daar staan enkele bomen zonder blaadjes, we zien eens een vogeltje en zelfs een aap wegvluchten.
 
Jongens en meisjes soms heel klein hoeden de geiten of ezels en we vragen ons af waarvan ze kunnen overleven, gras is hier nauwelijks te vinden.
We komen terecht in een vulkanisch landschap, het zand is nu zwart en slechts weinige planten. Dan na één van de duizenden bochten komen we over de heuvel en zien we achter het zwarte zand het hel blauw water van de ‘the Sea of Jade’ Lake Tukana! Prachtig!
 
 
 
 
 
We rijden nog een half uurtje langs het meer voor we in het woestijndorpje Loyangalani toe komen.
 
We rijden het dorpje binnen tussen de kleine ronde hutjes. Bomen zijn hier bijna niet dus de hutjes zijn gemaakt van blik en vodden. Het ziet er heel armzalig uit, mensen zwaaien wel maar meestal horen we terug ‘give me, give me’. Het dorpje is gebouwd rond een bron en in deze droge woestijn is wonderbaarlijk een echte oase van palmbomen en groen.
We zijn hier helaas een dag te laat, dit weekend was er een festival met optredens van verschillende stammen uit de omgeving. We hadden gehoopt dat er op zondag ook nog iets te doen zou zijn maar  alles is afgelopen, echt jammer.
We kunnen er overnachten op een missiepost in het midden van de oase omringd door palmbomen en met zwembad! Daar hebben we naar uitgekeken.
 
Spijtig genoeg is het zwembad gevuld met vulkanisch bronwater die zo warm is als een bad, niet echt verfrissend maar toch beter dan de buitenlucht. De rest van de namiddag brengen we door in het zwembad. Er zijn hier nog toeristen, allemaal gekomen voor het festival van gisteren zelfs de Duitse ambassadeur vliegt boven ons hoofd terug naar Nairobi.
Het wordt een woelige en hele warme nacht met de wind die hard door de palmbomen raast.
 
15 mei
We verlaten Loyangani maar rijden eerst nog door het dorp, mensen zijn ook hier prachtig gekleed en versierd met kleurrijke halsbanden en armbanden. 
 
 
 
 
Op naar het meest afgelegen nationaal park van Kenia ‘Sibioli’ helemaal in het noorden.
De piste wijkt af van het meer en gaat door de woestijn. We rijden met de ramen open om een beetje wind te hebben maar door het opwaaiend stof is achteraan onze jeep een kleine zandbak ontstaan.
 
Aan de ingang van het nationaal park hebben we een kleine discussie, volgens ons rekenen de mannen ons te veel aan en op het betaalbewijs zetten ze ‘per ongeluk’ de verkeerde prijs zodat we bijna zeker zijn dat ze de rest in de zak steken. Gelukkig maken ze geen probleem van Laila, die mag mee binnen.
In het park zijn op enkele toppi’s en Zebra’s na bijna geen dieren te zien, het is ons een raadsel waarom dit een nationaal park is. Terwijl we het laatste stukje tussen de duinen rijden zien we Lake Turkana terug liggen. 
De camping ligt aan het meer, gelukkig zijn de mannen hier wel heel vriendelijk en de toilet en douche nieuw en heel proper. we zijn ondertussen terug zandmannetjes en zijn blij dat we het kunnen afspoelen.
 
We genieten nog van een wandelingetje langs het meer met een schitterende zonsondergang en de maan die langs de andere kant al aan de hemel staat.
 
 
 
16 mei
Ik ben nog niet goed wakker en voel het al rommelen in mijn buik, net op tijd kan ik uit de jeep kruipen om naar de wc te spurten.
Als ik terug kom zie ik dat Rika ook wakker is, ook zij voelt zich niet lekker.
Terwijl wij samen een beetje ziek zitten te wezen wordt ook Enriko wakker en ook hij moet onmiddellijk naar het toilet.
Baby baobab in bloei. 
 
Jo voelt zich ook niet zo goed maar houdt zich voorlopig sterk. Oei Oei en dit voor onze laatste dag Kenia, we gingen vandaag de grens over steken. Gisteren hebben we zelf een stoofpotje klaar gemaakt, alles heeft goed gekookt we weten niet waarvan we het kunnen hebben.
De hele voormiddag zijn we ziek, tegen de middag rapen we onze moed samen en besluiten we het park toch uit te rijden voor ze ons nog een dag aanrekenen. Gisteren hebben we Pater Florian ontmoet, hij heeft een missiepost in het dorpje Ilerit  net voor de Ethiopische grens, we wagen het er op en besluiten hem op te zoeken.
De rit is mooi door de duinen en langs het meer, het lijkt of we naar de zee rijden, de zeelucht komt ons tegemoet. Kuddes geiten en ezels grazen hier langs het water.
Goed door elkaar geschud en nog steeds misselijk komen we aan in het klein dorpje. De kleine hutjes zien er uit zoals gisteren maar hier is geen oase van palmbomen.
Vele kinderen komen ons tegemoet gelopen als we op zoek gaan naar Pater Florian. Het is voor hem geen enkel probleem, we kunnen naast de missiepost kamperen. Geen afgesloten omheining zoals in de missiepost eergisteren tussen de palmbomen en het zwembad. We zitten hier midden in het dorp met alle kinderen rondom ons wel met mooi uitzicht en in de verte zien we Lake Turkana liggen. De hond is de grootste attractie en de kinderen trachten haar uit te dagen.
Zelf heb ik vandaag weinig oog voor de kinderen, ik wil gewoon een beetje rust maar dat is hier moeilijk te vinden. Pater Florian heeft ons laten weten dat er een mis is om 16u om hem een plezier te doen gaan Jo en ik er dan maar heen.
Het is eerst een beetje raar omdat we samen met de 2 paters en 2 kinderen helemaal alleen in het kerkje zitten. Een beetje later is de school blijkbaar uit en komen alle kinderen in blauw-roze schooluniform de kerk binnen Gelukkig  we zijn niet meer alleen.
De misdienst is volledig in het Swahili en we verstaan er weinig van behalve dat Pater Floran bij het begin iets zegt over de ‘Muzungus’ (wij dus) verder is de dienst niet zo veel verschillend met wat wij kennen behalve dat de kinderen heel goed kunnen zingen.
Terug bij de auto is het geduldig afwachten tot het donker wordt, liefst wil ik onmiddellijk in bed kruipen.
Eindelijk is het donker, de kinderen druipen af en wij kunnen in bed kruipen. Gelukkig houdt Laila alle bezoekers op afstand.
 
Rond middernacht worden we wakker van muziek en dans, eerst nog een beetje slaapdronken maar dan horen we het beter en beter. Beneden in het dorp zijn mensen aan het dansen en zingen onder de volle maan die alles verlicht.
Jammer dat we zo ziek zijn anders waren we zeker opgestaan om te kijken, het moet fantastisch zijn om zoiets mee te maken.
We bedenken dat het een beetje ironisch is dat overdag de kinderen naar de kerk gaan maar ’s nachts dansen onder de volle maan, de tradities zijn hier nog niet vergaan.
's morgens verzamelen de kinderen in schooluniform. 
 
 
Een stukje uit onze reisgids waar we het volledig mee kunnen vinden, omschrijft alles wat deze trip voor ons was.
 
Journeying to the sea of jade shouldn’t be something that is easy to do and this route, the ultimate Kenyan adventure, is certainly not easy. But for the battering you’ll take you’ll be rewarded a thousand times over with memories of vibrant tribes, camel caravans running into a rouge sunset, volcanic landscapes and, of course,the north’s greatest jewel, the Jade sea, Lake Turkana.